• Aucun résultat trouvé

Article

N/A
N/A
Protected

Academic year: 2022

Partager "Article"

Copied!
1
0
0

Texte intégral

(1)

JU R I S P R U D E N C E

1 0 6 2 R . D . C . 2 0 0 6 / 1 0 – D É C E M B R E 2 0 0 6 L A R C I E R

F

AILLISSEMENT

/ F

AILLITE

H O F V A N B E RO E P A N T W E R P E N 16 N O V E M B E R 2006

FAILLISSEMENT

Rechtsmiddelen tegen het vonnis van faillietverklaring – Curator

Als gerechtelijk mandataris over de goederen van de gefail- leerde moet de curator betrokken worden in het hoger beroep. Het is niet vereist dat zulks geschiedt binnen de in art. 14 Faill. W. bedoelde termijnen.

FAILLITE

Voies de recours contre le jugement de déclaration de faillite – Curateur

En tant que mandataire judiciaire sur les biens du failli, le curateur doit être impliqué dans le recours en appel. Il n'est pas exigé que cela se fasse dans les délais visés à l'art. 14 Loi Faill.

NV Jodico/BVBA Feestmaterialen Lieben

Zet.: E. Hulpiau (voorzitter), A. Winants en E. Lemmens (raadheren) O.M.: L. De Mot (advocaat-generaal)

Pl.: Mrs. E. Schellingen loco Mr. Br. Steegen In het bestreden vonnis van 20 april 2006 werd appellante

failliet verklaard en werden twee curators aangesteld.

Met een verzoekschrift neergelegd op 10 mei 2006 tekende appellante hoger beroep aan.

Dit hoger beroep is niet gericht tegen de curators.

Appellante heeft deze curators ook nadien niet in de zaak betrokken.

Geïntimeerde, op wiens vordering appellante failliet werd verklaard, concludeert tot de niet ontvankelijkheid van het hoger beroep.

Het OM werd ter zitting van 2 november 2006 gehoord in zijn advies.

1. Te rekenen van het vonnis van faillietverklaring verliest de gefailleerde het beheer over al zijn goederen en wordt dit beheer toevertrouwd aan een curator die als gerechtelijke mandataris de bij de wet bepaalde machten uitoefent in het belang van de gezamenlijke schuldeisers en van de gefail- leerde.

2. Het vonnis van faillietverklaring is van rechtswege uit- voerbaar zodanig dat de curator als gerechtelijk mandataris optreedt vanaf het vonnis van faillietverklaring.

3. Als gerechtelijk mandataris over de goederen van de gefailleerde moet de curator betrokken worden in het hoger beroep. Het hoger beroep kan niet ontvankelijk worden ver- klaard indien de curators niet in de zaak in hoger beroep betrokken zijn.

4. Uit het feit dat de curator geen partij is in het geding dat tot het faillietverklarend vonnis leidt en slechts door en als gevolg van het faillietverklarend vonnis zelf in hoger beroep dient betrokken, is niet vereist dat zulks geschiedt binnen de in art. 14 Faill. W. bedoelde termijnen.

Teneinde appellante in staat te stellen alsnog de procedure te regulariseren heropent het hof de debatten;

OM DEZE REDENEN HET HOF

Recht sprekende op tegenspraak;

Gelet op art. 24 van de wet van 15 juni 1935;

Gehoord de heer Advocaat-generaal … in zijn mondeling advies;

Heropent de debatten teneinde appellante in staat te stellen alsnog de curator in het hoger beroep te betrekken en stelt de zaak vast op de terechtzitting van

(…)

RDC-TBH-2006_10.book Page 1062 Thursday, December 7, 2006 11:14 AM

Références

Documents relatifs

Uit de stukken waarop het Hof vermag acht te slaan, blijkt dat de eiseres hoger beroep heeft ingesteld tegen een vonnis waarin haar verzoek tot het openen van een procedure

stelt niet als voorwaarde dat de regularisatie dient plaats te vinden vóór het tijdstip van de uitspraak door de eerste rechter wanneer tegen dit vonnis hoger beroep wordt

Gelet op de gegrondheid van het hoger beroep, zijn zowel het incidenteel hoger beroep van geïntimeerde als haar vordering wegens tergend en roekeloos hoger beroep ongegrond.. Om

Het hoger beroep tegen de niet-verschoonbaarverklaring moet daarom door de gefailleerde worden gericht tegen de curator, als verte- genwoordiger van de schuldeisers.. Een handelaar

aangezien geen hoger beroep mogelijk is tegen een beslissing inzake bevoegdheid vooraleer er een definitief vonnis inzake de grond van de zaak tussengekomen is; dat, daar de

Met de inleidende akte wordt het hof geadieerd in hoger beroep betreffende een vonnis dat op 2 oktober 2003 na tegenspraak werd uitgesproken door de Rechtbank van Koophandel

Mocht het hof van beroep vaststellen dat slechts een beperkt aantal besluiten door een onrechtmatigheid zijn aangetast (bv. door het feit dat de AVO slechts bij een aantal

stelt niet als voorwaarde dat de regularisatie dient plaats te vinden vóór het tijdstip van de uitspraak door de eerste rechter wanneer tegen dit vonnis hoger beroep wordt